Contactformulier

Stuur een email

 Ontvang de E-zine

Bel

Lookalike in reclame Picnic maakt inbreuk op portretrecht Verstappen

03-10-2017

Onlangs oordeelde de rechtbank Amsterdam dat online supermarkt Picnic met het gebruik van een lookalike van Max Verstappen in een van haar commercials inbreuk maakt op het portretrecht van de Formule-1 coureur.

De commercial was een inhaker op het eerdere reclamespotje van Jumbo, waarin de échte Verstappen in zijn racewagen boodschappen van Jumbo bij klanten bezorgt. Picnic raakte hierdoor geïnspireerd en zette kort daarna een filmpje op haar Facebook pagina met de titel “Als je op tijd bent hoef je niet te racen”, waarin een lookalike van de coureur boodschappen rondbrengt in een bezorgbusje van Picnic. Het filmpje van Picnic is op de Facebookpagina meer dan 100.000 keer en op YouTube meer dan 200.000 keer bekeken. Ook is het in diverse televisieprogramma’s vertoond. Het management van Max Verstappen, Nederlands meest succesvolle Formule 1-coureur, stelt dat met deze commercial inbreuk wordt gemaakt op het portretrecht van de coureur.

Vallen lookalikes onder het portretrecht?
Het portretrecht is het recht van de geportretteerde om zich te verzetten tegen de openbaarmaking van zijn of haar (niet in opdracht gemaakte) portret wanneer de geportretteerde hier een redelijk belang bij heeft. Dit recht omvat meer dan slechts een afbeelding van het gezicht, het kan ook van toepassing zijn wanneer een persoon te herkennen is door bijvoorbeeld de kleding of typerende lichaamshouding (zoals ook naar voren kwam in een zaak over het portretrecht van Katja Schuurman). Het portretrecht is ook van toepassing bij het gebruik van  lookalikes, in de woorden van de rechtbank:

“Een portret is immers niet per definitie een persoon zelf, maar een hulpmiddel waarmee het beeld van die persoon wordt opgeroepen. Met welke techniek, of met welke kunstgrepen dat resultaat wordt bereikt, is van secundair belang. Het gaat er dus om of de gelijkenis wordt gebruikt om het beeld van een persoon op te roepen en of is beoogd dat het publiek de gebruikte afbeelding van iemand aanziet voor (het portret van) Max Verstappen.”

De rechtbank stelt vast dat de lookalike zoals die door Picnic is gebruikt is aan te merken als gebruik van het portret van Verstappen. Het vertoont namelijk alle karakteristieke kenmerken van het betreffende portret: dezelfde pet, dezelfde raceoutfit, dezelfde haarkleur, hetzelfde silhouet en hetzelfde postuur. Bovendien is door Picnic in de media erkend dat het haar bewuste bedoeling was het beeld van Verstappen op te roepen.

Commercieel portretrecht versus vrijheid van meningsuiting
Of met de commercial het portretrecht is geschonden hangt af van de vraag of Verstappen een redelijk belang heeft om zich tegen het gebruik te verzetten. Daarvoor weegt de rechtbank het commerciële belang van de coureur af tegen de uitingsvrijheid van Picnic. Verstappen heeft als bekend persoon namelijk een commercieel belang zich te verzetten tegen exploitatie van zijn portret en kan op grond van zijn zogeheten verzilverbare populariteit om een vergoeding vragen bij het gebruik van zijn portret. Volgens Picnic gaat het om een grappige inhaker op de Jumbo commercial en valt dit plaagstootje richting Jumbo onder de vrijheid van meningsuiting, dat onder meer omvat dat men zich op humoristische wijze mag uiten.

De rechtbank oordeelt dat in dit geval de uitingsvrijheid moet wijken voor het commerciële belang van Verstappen. Het gaat hier om een reclame-uiting met een commercieel karakter, zonder dat voorafgaand een passende vergoeding aan Verstappen is aangeboden voor de openbaarmaking van het portret. Het filmpje is daarnaast wat inhoud en strekking betreft gericht op het vergroten van de naamsbekendheid van Picnic. De conclusie luidt dat Picnic inbreuk heeft gemaakt op het portretrecht van Verstappen en de schade die hij daardoor heeft geleden zal moeten vergoeden. Wat de precieze schadevergoeding zal zijn, wordt op een later moment bepaald.

Portretmerk
Naast bescherming op grond van het portretrecht kan het registreren van een portret als merk een goede aanvulling zijn. Merkrechtelijke bescherming van een portret is in beginsel mogelijk en biedt enkele voordelen in aanvulling op het portretrecht. Zo kan de merkhouder een verbodsactie instellen in geval van inbreuk, iets dat onder het portretrecht uitsluitend door de geportretteerde kan worden gedaan. Ook is een merkrecht in tegenstelling tot het portretrecht vatbaar voor overdracht, licentiëring en vererving.

Heeft u vragen over portret/auteursrechten of merkrechten, neem dan contact op met een van onze consultants.

Myrthe Pardoen
Competence Centre Novagraaf