Contactformulier

Stuur een email

 Ontvang de E-zine

Bel

Het voortzetten van een octrooi in het buitenland is mogelijk

De reikwijdte van een octrooi/patent is beperkt. Er zijn wettelijke regels die stellen dat een octrooi alleen geldig is voor het land waarvoor de octrooiaanvraag is gedaan. Er zijn echter internationale samenwerkingsverdragen die het mogelijk maken om geografische voortzetting aan te vragen voor de specifieke vinding.

Het recht van voorrang

Op 20 maart 1883 werd het Verdrag van Parijs gesloten. Dit verdrag is ontworpen om mensen van een eerste land te helpen bescherming voor hun industriële vindingen te krijgen in andere landen. Het verdrag is inmiddels ondertekend door 172 landen. Het Verdrag van Parijs beoogt de geografische voortzetting van de bescherming van een uitvinding eenvoudiger te maken. Het Verdrag stelt dat als u in meer landen octrooibescherming wenst, u (binnen een jaar) hetzelfde octrooi kunt aanvragen. In dit zogenaamde voorrangsjaar kan worden bepaald of voortzetting wenselijk is. Als u bijvoorbeeld beslist om negen maanden na uw eerste octrooiaanvraag in Nederland, ook bescherming voor dezelfde uitvinding aan te vragen in Japan of in Amerika, dan zullen de voorwaarden van nieuwheid en uitvinderswerkzaamheid in die laatste landen worden beoordeeld ten opzichte van de datum van indiening van uw eerste Nederlandse aanvraag. De aanvraagdatum van een eerste octrooiaanvraag voor een vinding is dus van zeer groot belang. Immers, de datum dient als vertrekpunt voor de berekening van de voorrangsperiode voor geografische voortzettingen.

De voortzettingen van de eerste octrooiaanvraag kunnen rechtstreeks worden verricht bij de nationale instanties die octrooien verstrekken (bijvoorbeeld de Verenigde Staten, Japan, Australië, Groot-Brittannië, Duitsland). Voortzettingen kunnen ook worden verricht bij een regionale instantie, bijvoorbeeld het EOB (EPO: European Patent Office,) dat via één enkele procedure een verzameling van nationale patenten verstrekt voor elk van de lidstaten die aangesloten zijn bij het EOB. Op dit moment wordt, naar analogie van het merkenrecht, hard gewerkt aan een zogenaamd EU-octrooi. Het is de bedoeling dat in de toekomst een uitvinding met één enkel EU-octrooi in de hele Europese Unie kan worden beschermd. Op dit moment zijn afzonderlijke nationale patenten nodig om te komen tot een Europese dekking.

De Europese procedure

Het Europees Octrooi Verdrag (EOV) regelt de aanvraag en verlening van Europese octrooien, het Europees Octrooi Bureau (EOB) voert het uit. Na indiening van uw octrooiaanvraag zal het EOB allereerst een internationaal onderzoek naar de stand van de techniek uitvoeren. Dit onderzoek toetst de aanvraag op de vereisten nieuwheid, inventiviteit en industriële toepasbaarheid. Voor de Europese procedure geldt dat achttien maanden na indiening van de aanvraag, de octrooiaanvraag en, indien beschikbaar, het onderzoeksrapport worden gepubliceerd.

Als de aanvraag voldoet aan de voorwaarden en eisen van het Europese Octrooi Verdrag, kan het octrooi worden verleend. Als het octrooi wordt verleend, volgt inschrijving in het register van ieder land waarvoor het octrooi is gevalideerd. Let op: u zult hierbij mogelijk vertalingen moeten indienen van de landstaal. In de negen maanden vanaf de publicatie van de verlening van een octrooi kan echter iedere derde oppositie indienen bij het EOB om een intrekking of een beperking van een octrooi/patent te bewerkstelligen. Zodra een Europees octrooi is verleend, heeft het in elke staat waar het gevalideerd is in elk geval dezelfde bescherming als een nationaal octrooi. In bepaalde gevallen geldt als voorwaarde dat ook de beschrijving en/of de conclusies in de officiële landstaal moet worden vertaald. Het protocol van Londen uit 2008 heeft de voorschriften echter vereenvoudigd ten aanzien van de vertalingen van Europese patenten. Wij vertellen u hier uiteraard graag meer over.

Internationale aanvraag en het PCT

De geografische voortzetting van de bescherming van een vinding kan eveneens plaatsvinden door het indienen van een internationale aanvraag op basis van een internationaal verdrag, het zogenaamde Patent Cooperation Treaty (PCT). Dit verdrag is bedoeld om de procedure voor octrooiverlening gedeeltelijk te stroomlijnen en qua vorm en inhoud te harmoniseren. Met behulp van het PCT ontstaat de mogelijkheid om in plaats van verschillende nationale en/of regionale octrooiaanvragen, één octrooiaanvraag in te dienen die effect heeft in meerdere landen en/of regio’s.

Door het indienen van een internationale octrooiaanvraag krijgt de ooctrooiaanvrager bovendien meer tijd om na te denken in welke landen daadwerkelijk octrooi moet worden aangevraagd. Deze beslissing kan worden uitgesteld tot 30 maanden (voor sommige landen zelfs nog langer) na het indienen van een zogenaamde prioriteitsaanvraag (eerste octrooiaanvraag). De exacte datum is echter wel afhankelijk van de wet- en regelgeving van de verschillende aangesloten landen. Met deze procedure heeft men dus gemiddeld 18 maanden langer de tijd, na het prioriteitsrecht van 12 maanden, voor het indienen van een octrooiaanvraag bij de verschillende nationale en internationale instanties. Als gevolg van deze verlenging bent u beter (en langer) in staat om uw markt te onderzoeken, de interesse voor uw uitvindingen te vergroten en uw kosten uit te stellen.

Meer weten over een voortzetting van uw octrooiaanvraag naar het buitenland?

In een tijd dat u het mogelijke succes van uw product wilt optimaliseren, kan het wenselijk zijn dat u de geografische reikwijdte van uw octrooi/patent wilt vergroten. De wet- en regelgeving om octrooien te verkrijgen, is echter complex en tijdrovend. Wij helpen u bij het opstellen van de juiste beschrijvingen en denken graag met u mee over de voortzetting van uw octrooiaanvraag. U kunt contact opnemen via het contactformulier rechts bovenaan deze pagina.